Overslaan en naar de inhoud gaan


Artikel 52: Zittingsduur Eerste en Tweede Kamer

Artikel 52
  1. De zittingsduur van beide kamers is vier jaren.
  2. Indien voor de provinciale staten bij de wet een andere zittingsduur dan vier jaren wordt vastgesteld, wordt daarbij de zittingsduur van de Eerste Kamer in overeenkomstige zin gewijzigd.

In andere talen:

English

  1. The duration of both Houses shall be four years.
  2. The duration of the Upper House shall be amended accordingly if the duration of the provincial councils (provinciale staten) is altered by Act of Parliament to a term other than four years.

Français

  1. La durée des pouvoirs des deux Chambres est de quatre ans.
  2. Si la loi fixe pour les pouvoirs des États provinciaux une durée autre que quatre ans, la durée des pouvoirs de la Première Chambre est modifiée en conséquence à cette occasion.

Deutsch

  1. Die Wahlperiode beider Kammern dauert vier Jahre.
  2. Wenn für die Provinzialstaaten durch Gesetz eine andere Dauer der Wahlperiode als vier Jahre angesetzt wird, wird damit die Wahlperiode der Ersten Kammer entsprechend geändert.

Español

  1. El periodo de legislatura de ambas Cámaras es de cuatro años.
  2. Si la ley fija un periodo de legislatura para los Estados Provinciales distinto del de cuatro años, el periodo de legislatura de la Primera Cámara será modificado correlativamente mediante la misma ley.

Inhoud

  1. Toelichting
  2. In eenvoudig Nederlands
  3. Historische ontwikkeling
  4. Debat
  5. Tijdlijn van het artikel

Toelichting

Beide Kamers worden voor vier jaar gekozen. Omdat de Eerste Kamer door de Provinciale Staten wordt gekozen (zie artikel 55) is de zittingsduur van de Eerste Kamer aan die van Provinciale Staten gekoppeld. Dus als bij wet de zittingsduur van de Provinciale Staten op een andere dan vier jaar wordt vastgesteld, wijzigt ook de zittingsduur van de Eerste Kamer.

Bovengenoemde zittingsduur geldt voor Kamers die gekozen zijn na reguliere verkiezingen. Voor een Tweede Kamer die na een Kamerontbinding is gekozen wordt de zittingsduur in een wet vastgelegd. Dat staat in artikel 64 lid 4. De zittingsduur is dan maximaal vijf jaar. Daarmee kunnen de reguliere verkiezingen weer op het gewenste moment over ruim vier jaar in maart of mei worden gebracht, afhankelijk of er dat jaar ook gemeenteraads- en/of provinciale statenverkiezingen zijn.

Voor een Eerste Kamer die na Kamerontbinding is gekozen, blijft de zittingsduur gelijk aan die van de ontbonden Eerste Kamer, omdat de zittingsduur van de Eerste Kamer is gekoppeld aan die van Provinciale Staten.

De zittingsduur van Provinciale Staten is vier jaar, behalve bij in de wet te bepalen uitzonderingen (artikel 129, vierde lid). Als de wetgever van deze mogelijkheid gebruik maakt, wordt de zittingsduur van de Eerste Kamer aangepast aan die langere of kortere zittingsduur van Provinciale Staten (artikel 52 lid 2).

Indien slechts voor één of enkele provincies van de normale zittingsduur wordt afgeweken, bijvoorbeeld bij een provinciale herindeling, zal echter geen verlenging of verkorting van de zittingsduur en geen tussentijdse verkiezing van de Eerste Kamer nodig zijn.

In eenvoudig Nederlands

  1. De kiezers kiezen de leden van beide kamers voor vier jaar.
  2. De kiezers kiezen de provinciale staten ook voor vier jaar. De wet kan veranderen, waardoor de kiezers de provinciale staten voor een kortere of een langere tijd kiezen. De leden van de Eerste Kamer blijven dan net zo lang zitten als de provinciale staten.

Uitleg

Bij verkiezingen voor de Tweede Kamer kiezen we de Kamerleden voor vier jaar. Na vier jaar zijn er dan opnieuw verkiezingen.

Soms zitten de Kamerleden korter. Bijvoorbeeld als het kabinet aftreedt en er nieuwe verkiezingen komen voor de Tweede Kamer. Of wanneer de regering en de Tweede Kamer de Grondwet willen veranderen. Dan moeten er namelijk nieuwe verkiezingen komen.

Bij de Eerste Kamer gaat het anders. Het kan gebeuren dat de leden van provinciale staten korter of langer zitten. Bijvoorbeeld wanneer de grenzen van een provincie veranderen. In dat geval blijven de leden van de Eerste Kamer automatisch net zo lang zitten als de leden van provinciale staten.

Historische ontwikkeling

De zittingsduur van beide Kamers bedraagt vier jaar. Voor de Tweede Kamer geldt die termijn al sinds 1887. De Eerste Kamer, die pas sinds 1848 wordt verkozen, kende tot 1983 steeds een langere en gefaseerde zittingsduur. Volgens de Grondwet van 1848 werden de leden voor negen jaar gekozen, waarbij elke drie jaar een derde deel aftrad. De grondwetsherziening van 1922 bracht dit terug tot zes jaar, waarbij elke drie jaar de helft van de leden werd vernieuwd. Dat stelsel ging in 1923 in, toen ook de Kieswet was aangepast. De gedachte daarachter was dat de Eerste Kamer zich van de Tweede Kamer moest onderscheiden door rust en continuïteit.

Bij de algehele grondwetsherziening van 1983 werd de zittingsduur van de Eerste Kamer op vier jaar gesteld en traden alle leden voortaan tegelijk af, kort na de verkiezing van de Provinciale Staten. Het tweede lid van het artikel koppelt de zittingsduur van de Eerste Kamer sindsdien aan die van de Provinciale Staten. Artikel 52 is sinds 1983 ongewijzigd.

Debat

Een zichtbaar politiekere Eerste Kamer

De gelijkschakeling van de zittingsduur in 1983 heeft het onderscheid tussen beide Kamers verkleind. Vaak wordt gezegd dat de Eerste Kamer daardoor politieker is geworden, maar de Kamer was altijd al een politiek orgaan. Wel werd dat na 1983 zichtbaarder, door andersoortige wetgeving, het voorlopige einde van de discussie over het bestaan van de Eerste Kamer, steeds hechtere regeerakkoorden en, vanaf 2010, tegengestelde meerderheden in beide Kamers. Mede naar aanleiding van het rapport van de Staatscommissie parlementair stelsel diende de regering een voorstel in om voor de verkiezing van de Eerste Kamer terug te keren naar het stelsel van vóór 1983: een zittingsduur van zes jaar, waarbij elke drie jaar de helft van de leden wordt gekozen. Het wetsvoorstel ligt momenteel ter eerste lezing bij de Eerste Kamer. 

Tijdlijn van het artikel

Tekstwijziging Herpublicatie (ongewijzigd)

Wat veranderde er ?

gemarkeerd = toegevoegd · doorgestreept = verwijderd