Overslaan en naar de inhoud gaan


Artikel : Algemene bepaling

Algemene bepaling

De Grondwet waarborgt de grondrechten en de democratische rechtsstaat.


In andere talen:

English

The Constitution guarantees fundamental rights and democracy based on the rule of law.

Français

La Constitution garantit les droits fondamentaux et l’État de droit démocratique.

Deutsch

Die Verfassung garantiert die Grundrechte und den demokratischen Rechtsstaat.

Español

La Constitución garantiza los derechos fundamentales y el Estado democrático de derecho.

Inhoud

  1. Toelichting
  2. In eenvoudig Nederlands
  3. Historische ontwikkeling
  4. Debat
  5. Tijdlijn van het artikel

Toelichting

In een democratie regeert het volk, maar het volk kan niet over ieder bestuursbesluit of wet een beslissing nemen. Daarom hebben de meeste landen, waaronder Nederland, een representatieve (vertegenwoordigende) of indirecte democratie. Dat houdt in dat het volk een aantal vertegenwoordigers kiest, die namens het volk wetten maakt en besluiten neemt over het bestuur van het land.

Een rechtsstaat is een staat waarin vrijheid, rechtszekerheid en rechtsgelijkheid voor de burger belangrijk zijn. Bovendien geniet de burger bescherming van zijn rechten en vrijheden, tegen medeburgers én tegen de overheid. Een burger weet dan waar hij qua rechten en plichten aan toe is. Een democratische rechtsstaat is dus een land waarin de rechtsstaat op een democratische manier tot stand is gekomen.

Deze algemene bepaling, die in 2022 voor artikel 1 aan de Grondwet werd toegevoegd, bepaalt nu dat de Grondwet de democratische rechtsstaat moet garanderen en de grondrechten waarborgt. Dit betekent dat de Grondwetgever bij iedere wijziging van de Grondwet moet bekijken of de democratische rechtsstaat nog wel gegarandeerd is en of grondrechten wel gewaarborgd blijven.

In eenvoudig Nederlands

De Grondwet beschermt de grondrechten en zorgt dat voor iedereen de regels duidelijk zijn wat mag en niet mag en dat die regels op een democratische manier zijn gemaakt.

Uitleg

In Nederland kiezen de Nederlanders vertegenwoordigers die bepalen wat wel mag en wat niet mag. Wat wel en niet mag wordt opgeschreven in wetten en andere regels zodat iedereen kan weten wat hij of zij wel en niet mag en/of moet doen. Dat noemen we een democratische rechtsstaat. Iedereen weet dan waar hij aan toe is.

Historische ontwikkeling

Sinds 2022 opent de Grondwet met een ongenummerde algemene bepaling. Daarmee geeft de Grondwet voor het eerst sinds de Staatsregeling van 1798 expliciet uitdrukking aan de beginselen waarop het Nederlandse staatsbestel rust. Die Staatsregeling bevatte een hoofdstuk met acht ‘Algemeene Beginselen’, waaronder de gelijkheid van burgers en de bescherming van persoon en goederen. Met de Grondwet van 1814 verdween de algemene bepaling. Voorzitter van de grondwetscommissie G.K. Van Hogendorp koos voor een pragmatisch document zonder ideologische lading.

Gedurende de twintigste eeuw is het idee van een inleidende bepaling herhaaldelijk geopperd. Een minderheid van de staatscommissie-Van Schaik pleitte in 1950 voor een algemene bepaling. De commissie verwierp dit, net als de staatscommissie-Cals/Donner in 1971.

Een doorbraak kwam in 2006, toen de Nationale Conventie adviseerde om constitutionele uitgangspunten zichtbaar te maken in de Grondwet. De Staatscommissie Grondwet (commissie-Thomassen) presenteerde in 2010 een voorstel voor een algemene bepaling. De commissie koos bewust voor een algemene bepaling in plaats van een preambule, zodat de tekst dezelfde bindende status zou krijgen als andere grondwetsartikelen. Het kabinet-Rutte I wees het voorstel af.

Het voorstel overleefde dankzij de Eerste Kamer. In 2012 werd de motie-Engels (D66) aangenomen die de regering opriep alsnog met een voorstel te komen. In 2016 publiceerde het kabinet een beknoptere formulering. Het amendement-Koopmans voegde in 2017 ‘democratie’ en ‘rechtsstaat’ samen tot ‘democratische rechtsstaat’ en plaatste de grondrechten vooraan. Na behandeling in tweede lezing werd de bepaling in de zomer van 2022 definitief aangenomen.

Debat

Juridische meerwaarde

Over de juridische betekenis van de algemene bepaling zijn de meningen verdeeld. Critici betogen dat Nederland geen algemene bepaling nodig heeft, omdat de politieke cultuur in de praktijk doet wat elders grondwettelijke normen proberen te bereiken. De bepaling zou onoplosbare interpretatievragen oproepen. Voorstanders zeggen juist dat de bepaling kansen biedt als norm voor wetgever en bestuur om actief de democratische rechtsstaat te waarborgen.

Verhouding tot het toetsingsverbod

De verhouding tussen de algemene bepaling en het constitutioneel toetsingsverbod (art. 120 Gw) is een punt van discussie. Aan de ene kant wordt het toetsingsverbod een anomalie genoemd in het licht van de algemene bepaling. Anderzijds wordt betoogd dat de bepaling ook zonder opheffing van het toetsingsverbod de bestaande toetsingskaders versterkt, bijvoorbeeld bij advisering door de Raad van State en bij rechterlijke toetsing van lagere regelgeving.

Maatschappelijke en symbolische functie

De Grondwet speelt in Nederland nauwelijks een rol buiten de staatsrechtelijke en politieke wereld, stellen sommigen. Anderen zien juist in de maatschappelijke en symbolische potentie de grootste waarde van de bepaling.

Tijdlijn van het artikel

Tekstwijziging Herpublicatie (ongewijzigd)

Wat veranderde er ?

gemarkeerd = toegevoegd · doorgestreept = verwijderd