Artikel 9: Vrijheid van vergadering en betoging
- Het recht tot vergadering en betoging wordt erkend, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet.
- De wet kan regels stellen ter bescherming van de gezondheid, in het belang van het verkeer en ter bestrijding of voorkoming van wanordelijkheden.
In andere talen:
Inhoud
Toelichting
In dit artikel is het recht tot betoging en vergadering opgenomen. De wetgever kan dit recht beperken ter bescherming van de gezondheid, in het belang van het verkeer of ter bestrijding of voorkoming van wanordelijkheden.
Deze zijn neergelegd in de Wet openbare manifestaties.
Filmpje: hoe is het demonstratierecht geregeld in de Grondwet? (September 2023)
Formele toelichting
Het recht tot betoging is in artikel 9 opgenomen, tezamen met het recht tot vergadering. Het recht tot betoging en het recht tot vergadering in het openbaar zijn aan beperkende voorschriften gebonden.
Deze zijn neergelegd in de Wet openbare manifestaties.
Het Wetboek van Strafrecht bevat bepalingen (artikelen 131 e.v. en artikelen 429bis e.v.) over de strafbaarheid van verstoring van de openbare orde.
In eenvoudig Nederlands
Iedereen en iedere groep heeft het recht om in het openbaar bij elkaar te komen, bijvoorbeeld voor een vergadering of een betoging of een demonstratie. Maar je mag geen andere wetten of regels overtreden. Ook mag je niet gevaarlijk zijn voor de gezondheid van de bevolking. En het mag ook niet gevaarlijk zijn voor het verkeer. En het mag ook niet leiden tot verstoring van de openbare orde.
Historische ontwikkeling
Het recht op vergadering kwam voor het eerst voor in de Staatsregeling van 1798, samen met het recht op vereniging. Na de oprichting van het Koninkrijk der Nederlanden verdween de bepaling weer. In 1848 keerde het grondwettelijk recht op vereniging en vergadering terug in de Grondwet.
Nieuw in 1983 was het recht tot betoging. Daarmee kreeg de demonstratie, het collectief in het openbaar uiten van een mening, voor het eerst een eigen grondwettelijke basis.
Artikel 9 is sinds 1983 ongewijzigd.
Debat
Gezichtsbedekking bij demonstraties
In september 2024 stemde de Tweede Kamer voor een motie van Joost Eerdmans (JA21) en Chris Stoffer (SGP) waarin de regering wordt verzocht om demonstreren met gezichtsbedekkende kleding te verbieden. Het kabinet ging verkennen hoe zo’n verbod eruit zou kunnen zien. Een totaalverbod viel al snel af. Wie protesteert tegen een dictatoriaal regime kan immers goede redenen hebben om onherkenbaar te blijven. Ook het Nederlands Genootschap van Burgemeesters, de politie en het Openbaar Ministerie zagen weinig in een verbod. Zij vonden het slecht uitvoerbaar en moeilijk te handhaven. Toch bracht het kabinet in december 2025 het voorstel toch in consultatie, als wijziging van de Wet openbare manifestaties.
Tijdlijn van het artikel
Wat veranderde er ?
gemarkeerd = toegevoegd · doorgestreept = verwijderd