Artikel 138: Eed van Aanvaarding, Eed van Zuivering
De leden der provinciale Staten leggen bij het aanvaarden hunner functiën, ieder op de wijze zijner godsdienstige gezindheid, den volgenden eed af :
"Ik zweer (belove) dat ik de Grondwet van het Rijk zal onderhouden, zonder daarvan op eenigerlei wijze of onder eenig voorwendsel hoe ook genaamd af te wijken; dat ik de reglementen dezer Provincie zal achtervolgen en nakomen, en voorts de welvaart van deze Provincie met al mijne krachten zal bevorderen.
Zoo waarlijk helpe mij God almagtig! "
Zij worden tot dien eed toegelaten, na alvorens te hebben afgelegd den eed van zuivering en tegen verboden giften en gaven, hierboven artikel 84 voor de leden der Staten-Generaal bepaald.
Tijdlijn van het artikel
Tekstwijziging
Herpublicatie (ongewijzigd)
Wat veranderde er ?
gemarkeerd = toegevoegd · doorgestreept = verwijderd