Overslaan en naar de inhoud gaan


Artikel 190: Rol Staten in toezigt betreffende den Waterstaat

Artikel 190

De Staten der provinciën hebben het toezigt op alle waterstaatswerken, waterschappen, veenschappen en veenpolders. Nogtans kan de wet het toezigt over bepaalde werken aan anderen opdragen.

De Staten zijn bevoegd, met goedkeuring des Konings, in de bestaande inrigtingen en reglementen der waterschappen, veenschappen en veenpolders veranderingen te maken, waterschappen, veenschappen en veenpolders op te heffen, nieuwe op te rigten en nieuwe reglementen voor zoodanige instellingen vast te stellen.

Tot verandering van de inrigtingen of reglementen kunnen de besturen van die instellingen voorstellen aan de Staten der provincie doen.

Tijdlijn van het artikel

Tekstwijziging Herpublicatie (ongewijzigd)

Wat veranderde er ?

gemarkeerd = toegevoegd · doorgestreept = verwijderd