Artikel 33: Koning benoemt Buitenlandsche Ministers, Zee- en Land-Officieren, Nationale Ambtenaren, en Leden van Regtbanken
De Koning heeft de aanstelling van alle Buitenlandsche Ministers, alle Zee- en Land-officieren, alle Nationale Ambtenaren van den Staat, alle de Officieren van Justitie, en eindelijk van alle de Leden van Regtbanken, tot de zaken van het Algemeen Bestuur behoorende. De Leden van de Nationale Rekenkamer en van het Nationaal Geregtshof, mitsgaders de Procureur-Generaal bij dit Geregtshof en bij de Departementale Geregtshoven, worden gekozen op den voet, bij Art. 45 en 72 bepaald.
Tijdlijn van het artikel
Tekstwijziging
Herpublicatie (ongewijzigd)
Wat veranderde er ?
gemarkeerd = toegevoegd · doorgestreept = verwijderd