Artikel 208: Belastingheffing
Het Vertegenwoordigend Lichaam beslist, jaarlijks, na ontvang der vereischte openingen van het Uitvoerend Bewind, en van de Commissarissen der Nationaale Reekening bij het vaststellen der algemeene begrooting van Staats-Uitgaven, of de algemeene belastingen op denzelfden voet behooren te blijven, dan wel vermeerderd, of verminderd, te worden. Het voorstel hiertoe word in de eerste Kamer in overweging gebragt, uiterlijk eene Maand, nadat die begrooting zal bekragtigd zijn.
Geene Wet, waarbij eene nieuwe belasting word ingevoerd, heeft langer kragt, dan een Jaar, indien zij niet uitdrukkelijk vernieuwd word.
Tijdlijn van het artikel
Tekstwijziging
Herpublicatie (ongewijzigd)
Wat veranderde er ?
gemarkeerd = toegevoegd · doorgestreept = verwijderd