Overslaan en naar de inhoud gaan


Artikel 58: Geloofsbrieven

Artikel 58

Elke kamer onderzoekt de geloofsbrieven van haar nieuwbenoemde leden en beslist met inachtneming van bij de wet te stellen regels de geschillen welke met betrekking tot de geloofsbrieven of de verkiezing zelf rijzen.

Inhoud

  1. Toelichting
  2. Formele toelichting
  3. In eenvoudig Nederlands
  4. Tijdlijn van het artikel

Toelichting

De Kamers beslissen zelf of nieuwe leden voldoen aan de vereisten om lid van de Kamer te kunnen zijn. Ook eventuele geschillen over de verkiezing van Kamerleden worden door de Kamers zelf beslist.

Het onderzoek van de geloofsbrieven is geregeld in de reglementen van orde van Tweede en Eerste Kamer.

Formele toelichting

Op grond van artikel 58 beslissen de Kamers zelf of nieuwbenoemde leden voldoen aan de vereisten voor het lidmaatschap en of zij als lid kunnen worden toegelaten. Ook eventuele geschillen over de verkiezingen zelf worden door de Kamers beslist.

In eenvoudig Nederlands

De Eerste en de Tweede Kamer onderzoeken bij hun nieuwe leden of zij wel lid mogen worden van de kamer. Ze nemen hierover ook de beslissingen. Ze moeten daarbij rekening houden met de regels die in de wet staan.

Uitleg

In dit artikel staat dat beide kamers onderzoeken of hun nieuwe leden terecht zijn gekozen. Zijn ze Nederlander? Zijn ze achttien jaar of ouder? Hebben ze een baan die je niet tegelijk met het kamerlidmaatschap mag hebben? Is hun verkiezing eerlijk geweest?

Tijdlijn van het artikel

Tekstwijziging Herpublicatie (ongewijzigd)

Wat veranderde er ?

gemarkeerd = toegevoegd · doorgestreept = verwijderd